Toppers van 77 jaar CHIO: Marcus Ehning
Hij is 100% Duits, maar voelt zich toch een beetje Nederlander. Dat komt door zijn woonplaats, hij woont slechts acht kilometer van Winterswijk. Dit jaar maakte hij onderdeel uit van het winnende team tijdens het WK in Aken en van de Longines League of Nations Finale in Barcelona, maar een individuele medaille staat nog altijd op zijn wensenlijstje. Als het aan hem ligt, is hij ieder jaar van de partij in ons Kralingse bos, maar ook in Duitsland bepaalt de bondscoach. We spraken met op en top paardenman Marcus Ehning.
Marcus Ehning is 52 jaar en is geboren in het Duitse Südlohn. Hij is getrouwd en heeft vier kinderen, drie jongens en een meisje. Hij reed twee Olympische Spelen (2000 en 2012). De eerste keer dat hij in Rotterdam reed kan hij zich niet precies herinneren, hij denkt dat dat rond het jaar 2000 geweest moet zijn.
Losrijden in het bos
Marcus: “Sindsdien ben ik niet ieder jaar van de partij geweest, maar zeker wel in 90 procent van de CHIO edities. Ieder jaar hoop ik daar een jaar aan toe te voegen, maar daar heb ik niet het eindoordeel over. Rotterdam is niet het makkelijkste concours om te organiseren, omdat het ondanks dat het in een bos plaatsvindt wordt, toch midden in de stad ligt. Parkeren is en zal bij jullie altijd een dingetje blijven, maar ik ben groot fan van de losrijring in het bos. De oude losrijring voor De Big was ook prima hoor, maar deze optie is extra. Over De Big gesproken, iedereen zegt het, maar ik toch ook, ik mis dat schattige pannenkoekenhuis echt, het hoorde gewoon bij jullie. Over het publiek wil ik ook graag wat zeggen. Tijdens de landenwedstrijd en de Grote Prijs is het altijd gezellig druk en leeft het publiek zo enthousiast mee. Was dat maar bij alle rubrieken zo.”

Zilveren teammedaille en Grote Prijs
“Mijn mooiste herinneringen aan jullie concours zijn de zilveren medaille die we op het Europees Kampioenschap in 2019 met het team wonnen en het winnen van de Grote Prijs in 2006 met Gitania. Overall wil ik Sidney 2000 graag noemen. Ik was nog heel jong en het waren mijn eerste Olympische Spelen. We wonnen meteen teamgoud, ongekend was dat. Ik heb drie keer de Grote Prijs van Aken gewonnen, dat zijn ook onvergetelijke momenten. Ook heb ik de wereldbekerfinale gewonnen en buiten Aken en Rotterdam nog andere Grote Prijzen. En dit jaar natuurlijk de gouden teammedaille tijdens het WK. Met het team wonnen we ook de finale van de Longines League of Nations. Het is nooit genoeg natuurlijk, maar ik klaag niet. Dromen veranderen als je ouder wordt. Voorheen droomde ik over prijzen en medailles, maar nu vind ik het vooral belangrijk dat het goed gaat met mijn kinderen. Maar toch staat een individuele medaille op een groot kampioenschap nog wel op mijn verlanglijstje. Ik mis dit niet als het niet lukt, maar het zou wel mooi zijn. Over mijn kinderen, ze doen wel aan sport en sommigen zelfs aan paardrijden, maar ik denk niet dat er een opvolger van mij inzit. (grappend) De sport vinden ze wel mooi, maar iedere weekend op concours zijn trekt ze niet. Ik ga ze uiteraard ook niet dwingen.”

Rijdt graag in Nederland
“Terug naar Rotterdam, ik kom er graag. Om te rijden en ik ben ook al een paar keer s avonds in de stad geweest. In Duitsland heb je veel drie sterren wedstrijden en ik rijd toch liever vijf sterren. De grotere concoursen in Nederland zijn voor ons niet ver weg, omdat we zo dichtbij de grens wonen. Daarnaast houd ik van goed georganiseerde shows en in Nederland weten jullie hoe dat moet. Ik voel me ook altijd welkom en wordt vaak gevraagd in Nederland. Dat vind ik al leuk en bij bepaalde concoursen weet je ook dat het goed is. Nogmaals, ik wil ieder jaar dan ook heel graag weer bij jullie rijden. Echter onze bondscoach Otto Becker beslist. Bij jullie wordt natuurlijk de Longines League of Nations gereden en dat vind ik mooi. Het is een belangrijke etappe en ieder jaar komen er de beste combinaties aan de start. Als het aan mij ligt, ben ik er daar graag één van.”
“Tenslotte wil ik graag tegen alle lezers van dit interview zeggen: Kom ieder jaar in juni naar het CHIO Rotterdam om te genieten van de paarden en de sport.”
Marcus verontschuldigt zich dat hij geen man is van grote uitspraken en veel woorden, maar we kennen hem en het is goed. We stellen het op prijs dat hij tijd heeft gemaakt in zijn drukke agenda om ons te woord te staan en hopen net als hij, dat hij in juni volgend jaar wederom van de partij is in het Kralingse bos.
