Alexander Henneke: De rode draad in al die jaren was wel de lol

CHIO
C23 B6802 962 D 46 E2 A492 61 C93 FCBADFD 1 105 c

Zonder vrijwilligers geen sport. Dat geldt zeker ook voor het CHIO. Sommigen een paar dagen per jaar, maar velen zijn ook week in week uit met “hun” concours bezig. Het hele jaar door tellen ze af en vanaf het moment dat het concours is afgelopen, kijken ze alweer vooruit. Regelmatig zetten we zo’n vrijwilliger in het zonnetje. Gezien de komende jubileumeditie laten we dit jaar ook oud-vrijwilligers aan het woord. Dit keer belden we naar Friesland. Lees het verhaal van oud stalmeester Alexander Henneke.

Hij is 63 jaar en geboren in Schiedam. Na wat omzwervingen is hij in Rotterdam terecht gekomen nadat hij van zijn 13e tot zijn 16e jaar op een internaat in Zeist had gezeten. De tweede vrouw van zijn vader was paardengek en lid van Sociëteit gevestigd in de Rotterdamsche Manège 'De Jockey Club'. Alexander: “Ze nam me mee en zo begon ik met paardrijden. Ik was zeker geen talent, volgens mijn instructeur was ik de enige die kon lichtrijden in galop. Vrij vroeg ben ik gaan voltigeren, wat mij beter lag. Dit heb ik twintig jaar gedaan waarvan ik vijftien jaar heb les gegeven aan kinderen van vijf jaar tot volwassenen van 45 jaar. Tegenwoordig woon ik vlakbij Stavoren in Friesland. Mijn hobby’s zijn naast paarden, skiën, hardlopen, voetbal (kijken), tennissen, mijn gezin, huis, tuin en omgeving, lezen en uit eten gaan.”

Als lid van Rotterdamsche Manège betrokken bij opbouw

“In 1977, ik was toen zestien jaar oud, raakte ik als lid van de Rotterdamsche Manège betrokken bij de opbouw van het CHIO. Hindernissen verven, helpen op het stallingterrein, zoals velen zijn begonnen. Vervolgens hielp ik tijdens het CHIO met strobalen sjouwen en in 1978 werd ik officieel vrijwilliger in het stallingteam.”

“We ontvingen de vrachtwagens met de paarden, hielpen de grooms met uitladen en brachten alles naar de betreffende tent. In het begin deden we ook de uitgifte van voer, tonnen voer gingen er doorheen. Tegenwoordig is dit niet meer, iedere groom heeft eigen voer voor de paarden. Tijdens het concours hadden we het relatief rustig. We zorgden dat het terrein op orde was en hielpen wanneer nodig. We waren heel servicegericht en dat werd gewaardeerd door de grooms en de ruiters. Als het evenement voorbij was, hielpen we de grooms weer inpakken.”

27 Jaar vrijwilliger

“Ik ben 27 jaar betrokken geweest bij het CHIO waarvan achttien jaar als stalmeester. Voordat ik stalmeester werd, was ik betrokken bij de opbouw en werkte als 'gewone' medewerker bij het stallingsteam. Tijdens en na mijn tijd als stalmeester heb ik samen met Arnold de Vries Robbé het facilitaire gedeelte van het CHIO opgezet wat later de voorloper van de professionalisering bleek te zijn. Na 27 jaar ben ik gestopt. Ik deed inmiddels zoveel, ik was er klaar mee en heb bewust een streep getrokken. Ik wilde nog wel iets hoor, maar wist niet wat. Toen verhuisde ik echter naar Friesland en die combinatie was verre van praktisch. Als ik in Rotterdam gebleven was, was ik zeker betrokken gebleven.”

“Ik mis het vrijwilligerswerk niet. Ieder jaar kom ik tijdens het CHIO twee dagen een soort reünie houden en dan constateer ik dat het toch wel heel anders is geworden. Vroeger was alles beter heet dat, maar dat is echt zo. Zo mochten wij vroeger bijvoorbeeld zelf de terreinindeling van stalling maken en begeleidden we de hele opbouw daarvan.”

Milton favoriet

“Springen was mijn favoriete discipline en ruiters waar ik naar uitkeek waren Franke Sloothaak, Jos Lansink en de gebroeders Whitaker. Mijn favoriete paard was natuurlijk de geweldige schimmel Milton, maar ik heb met veel bewondering naar alle paarden gekeken. Magnifiek, wat een dieren! In die tijd ging ik uit belangstelling ook naar andere concoursen. Antwerpen, Amsterdam, Den Bosch en ik heb zelf ook twee jaar Indoor Leiden gedaan.”

King's Troops

Kippenvel

“In de 27 jaar dat ik actief was, heb ik veel van de ontwikkeling van het CHIO meegemaakt en dat vond ik bijzonder. Interessant om te zien hoe je een organisatie neerzet. Echter de rode draad in al die jaren was wel de lol. Naast het harde werken hebben we gewoon altijd ontzettend veel pret gehad bij alles wat we deden. Niet alleen tijdens het evenement was het CHIO, ook daarbuiten maakte je van alles mee. Zo hadden we de show 'King’s Troop Royal Horse Artillery', een ceremoniële eenheid van het Britse leger. Ik had tijdens het CHIO kennis gemaakt, want ze stonden bij ons op stal. Bij vertrek nodigde de captain instructor ringmeester Peter van Kooij en mij uit om naar Engeland te komen. Natuurlijk gingen we op die uitnodiging in en daar nodigde hij mij uit om mee uit rijden te gaan. Het moment dat we in galop reden en een laan met bomen opdraaiden zal ik nooit vergeten. In de verte doemde namelijk Windsor Castle op, kippenvel kreeg ik ervan.”

Lol was de rode draad

“We hadden er plezier in om voor het CHIO te werken en we hadden met elkaar veel lol. Er zijn heel wat biertjes gedronken. De gekste en meest bijzondere dingen hebben we meegemaakt. Zo stond de equipe uit Rusland een keer 's ochtends vroeg op de stoep met naast paarden ook eten en wodka. Eten met heel veel knoflook. Toen de paarden om 11.30 uur op stal stonden, gingen we aan dat eten en die drank. Ik noem geen naam, maar één van de collega’s vond dat zo smakelijk dat hij er de donderdag erna nog naar rook.”

“Zoals reeds gezegd was er ook altijd een bijzondere show. Zo kwam een Hongaarse club eens midden in de nacht aan in een vrachtwagen zonder laadklep. Servicegericht als wij waren, kwamen we toch meteen in actie. Met strobalen en staldelen hebben we een contrapsie gebouwd zodat we de paarden uit konden laden. Het was bloedheet toen, 's nachts nog 30 graden. Toen we klaar waren, werden we bedankt en ging er een fles zonder etiket met een doorzichtig drankje rond. Het bleek Slivovitsj te zijn. Erik, die als laatste klaar was, kwam aanlopen en had duidelijk dorst. "Hier water" zei René Philippe en gaf hem de fles die Erik grif aan de mond zette. Hij ontplofte bijna. Tranen over de wangen bij iedereen. Dat soort dingen, ik kan er wel honderd van vertellen.”

“Gelukkig niet veel, maar we hebben ook mindere momenten meegemaakt. Zo was er in 1986 een enorme storm en gingen er stallingstenten de lucht in. Met zijn allen hebben we aan de touwen gehangen. Inclusief Daan Dura en het corps mariniers.”

Gejoel op laatste avond

“Wat ik als laatste graag wil vertellen is dat één van de allermooiste momenten altijd de zondagavond was. Na afloop van het CHIO gingen we met alle vrijwilligers eten in De Jockey Club. Echter wij op stalling waren altijd als allerlaatste klaar omdat wij de laatste grooms en paarden op weg naar huis hielpen. Als wij dan binnen kwamen ging er een gejoel op, dan waren we compleet en was het echt klaar.”

Aftellen naar zes april

“Dit jaar het 75 jarig jubileum, een bijzonder jaar. Met op zes april de grote CHIO reünie. Ik zie er naar uit en ik ben niet de enige. Met 'de oude vellen', een clubje van oudgedienden van eind jaren '70 / begin jaren '80 hebben we al een Whatsapp groep opgericht en tellen we af.”

Wij kijken er ook naar uit om jou weer te zien Alexander. Jou en al die vele andere vrijwilligers die zich al die jaren voor ons evenement hebben ingezet. We gaan er een feestje van maken. Heel graag tot dan en natuurlijk tot het 75 jarige CHIO in juni van dit jaar.

  • Deel dit artikel